In de VS  is al sinds enige tijd een ontwikkeling aan de gang, waarbij onkruiden resistent worden tegen bestrijdingsmiddelen zoals Roundup en Liberty, de meest gebruikte herbiciden in de industriële landbouw. Er zijn ondertussen al 19 resistente onkruiden bekend.  Deze ‘super’-onkruiden zijn in principe alleen nog maar gevoelig voor zwaardere herbiciden, zoals 2,4-D (ook wel paraquat genaamd), een middel verwant aan het 2,4,5-T.  Samen zijn paraquat en 2,4,5-T als cocktail bekend, onder de naam Agent Orange, dat in de Vietnam-oorlog werd gebruikt en voornamelijk door Monsanto werd geproduceerd. Lees hier verder over resistente onkruiden.

Echter ook bacteriën nemen steeds meer resistent DNA op. Zie hier het bericht over resistent DNA dat de meest moderne technieken van waterzuivering overleeft. Het artikel over antibiotica-resistente bacteriën in Chinese rivieren vindt u hier.

Tenslotte kunnen ook insecten resistentie ontwikkelen, bv. wanneer ze continue worden blootgesteld aan het Bt-toxine dat door Bt-gewasssen wordt uitgescheiden.

Het is overigens belangrijk om te vermelden dat de behoefte aan het gebruik van bestrijdingsmiddelen pas ontstaat als planten een verminderde weerstand tegen ziekten en plagen hebben opgelopen. De verminderde weerstand van een plant ontstaat wanneer de bodem niet meer alle voedingsstoffen levert die nodig zijn om een volwaardig gewas te laten groeien. Dat laatste hangt weer samen met de afwezigheid van voldoende bodemleven, dat samenwerkt met de plantenwortels in ruil voor suikers geproduceerd door de plant. Zonder bodemleven is de plant niet in staat al de juiste voedingselementen uit de bodem in de juiste vorm (enzymen!) op te nemen. Zonder bodemleven wordt er ook geen humus gevormd, die als noodzakelijke buffer fungeert tussen productie en opname van voedingselementen. Tenslotte wordt ook de juiste dosering van voedingselementen naar de plant door het bodemleven verzorgd.

Bij toepassing van kunstmest ontstaat er een onbalans in de aanvoer van voedingselementen naar de plant: van het ene te veel, van het andere te weinig. Aan het rechttrekken van die onbalans moet de plant veel onnodige energie besteden. Dat kan vermeden worden door het voeden van de plant over te laten aan het bodemleven, in combinatie met voldoende humus en sporenelementen in de bodem.

Het zou dus slimmer zijn het bodemleven weer op peil te brengen, in plaats van meer bestrijdingsmiddelen in te zetten. Dat kan door compost van voldoende goede kwaliteit te gebruiken, de kunstmest achterwege te laten en indien nodig bepaalde schimmels en sporenelementen toe te voegen (gesteentemeel), om het bodemleven weer een duwtje in de goede richting te geven.