Het bedrijf Monsanto uit St. Louis, Missouri in de VS heeft aan de wieg van de gentech-toepassingen gestaan.
Het ontstaan van Monsanto dateert van 1901. Klik voor een Engelstalig overzicht met jaartallen hier, of ga naar de Monsanto files, voor een overzicht van de verworvenheden die we allemaal aan dit bedrijf te danken hebben.
Oorspronkelijk werden er allerlei chemicaliën vervaardigd, te beginnen met saccharine, via zwavelzuur en andere chemicaliën in de 20er en 30er jaren, tot aan PCBs, die later in verband werden gebracht met gebreken in het voortplantings- en immuunsysteem en in de normale ontwikkeling van een individu.
In de 40-er jaren werden er plastics en synthetische weefsels gemaakt. In de 60-er jaren werd er een landbouwpoot opgericht, die zich concentreerde op herbiciden. Tussen 1962 en ‘71 werd Monsanto een van de belangrijkste leveranciers van het Amerikaanse leger, m.b.t. Agent Orange, een cocktail van 2,4-D en 2,4,5-T die gezondheidsproblemen zoals kanker veroorzaakt. Amerikaanse Vietnamveteranen hadden hier frequent mee te maken, door de wijdverbreide toepassing tijdens de Vietnamoorlog.
In 1976 kwam Roundup Ready op het programma, een onkruidverdelger, die snel op wereldschaal werd toegepast.
Toen het patent dat Monsanto op Roundup Ready had ging aflopen, werd er gezocht naar andere toepassingen die de omzet van Roundup konden consolideren en liefst vergroten. De oplossing werd gevonden in het patenteren van zaden (zie hieronder), die vervolgens zodanig genetisch gemodificeerd konden worden dat het gewas resistent werd tegen Roundup. Op deze wijze kon de verkoop van Roundup worden gekoppeld aan voedingsgewassen die Roundup konden verdragen en daarmee was de afzet van Roundup veilig gesteld. Vanaf dat moment kwam de nadruk steeds meer op gentechgewassen te liggen en werden de activiteiten op chemie- en kunststofgebied afgestoten, mede door allerlei verontreinigingsschandalen.
Monsanto zag een gouden kans in de nieuw ontstane mogelijkheid genetisch gemodificeerde organismen te patenteren. Die ontstond nadat een ingenieur een patentaanvraag voor een ‘olie-etende’ bacterie tot aan het Hooggerechtshof van de VS had uitgevochten en uiteindelijk had gewonnen. Hiermee was de weg vrij gemaakt voor het patenteren van levend materiaal, zonder dat ooit een regering of een volksvertegenwoordiging zich hierover had uitgesproken. Zelfs levende organismen waar niets aan veranderd was konden gewoon gepatenteerd worden. De enige voorwaarde was dat er eerder geen patent op was afgegeven! Monsanto kon dus naadloos overstappen van een patent op Roundup naar patenten op levende organismen. Het grote geld-verdienen kon beginnen!
Er kon bijvoorbeeld ook patent genomen worden op (landbouw)zaden. De gevolgen waren enorm. Monsanto ging in hoog tempo zaadbedrijven opkopen en patenteerde de zaden die oorspronkelijk alleen in genenbanken waren opgeslagen *) met het oogmerk genenmateriaal ter beschikking te hebben om nieuwe eigenschappen in bestaande landbouwrassen in te kruisen. Welk een ironie! Nu werden dezelfde zaden gepatenteerd om vervolgens door Monsanto uit de markt genomen te kunnen worden! In 2004 was Monsanto al eigenaar van meer dan 11000 patenten op zaden. Tot op heden is echter slechts een zeer klein aantal genetisch gemodificeerde zaden in de handel gebracht. Dat zijn echter wel de gewassen die op gigantische arealen als veevoeder kunnen worden verbouwd: mais en soja. Daarnaast wordt er nu heel veel genetisch gemodificeerd koolzaad verbouwd, en een flink oppervlak aan katoen. De reden dat er voornamelijk genetisch gemodificeerde veevoedergewassen worden verbouwd, is dat eerdere pogingen om genetisch gemodificeerde voedingsmiddelen aan de consument te slijten tot op heden steeds schipbreuk hebben geleden. Via vlees- en zuivelproducten kan de consument echter veel gemakkelijker in het ongewisse worden gelaten over wat hij eet, omdat vlees en zuivel niet behoeven te worden geëtiketteerd als (afkomstig van) een genetisch gemodificeerd product.
Ondertussen heeft Monsanto gezelschap gekregen van een 9-tal andere multinationals die het kunstje van Monsanto hebben afgekeken. Samen bezitten ze nu al 67% van de mondiale zaadhandel. De belangrijkste producenten van gentech-gewassen zijn de VS, Argentinië, Canada, Brazilië en India, samen goed voor 90% van het areaal. De overige 10% wordt verbouwd in Uruguay, Paraguay, Colombia, Filipijnen, Zuid-Afrika, Bulgarije en Spanje.
*) Er is al enorm veel genenmateriaal uit de ontwikkelingslanden in Westerse genenbanken beland zonder dat de ontwikkelingslanden ooit een cent compensatie hebben ontvangen voor de enorme winsten die daar (bv. voor de farmaceutische industrie) uit voort zijn gekomen. Dat is het verhaal van de biopiraterij, dat nog steeds niet is afgelopen. Zie hiervoor ook het boek ‘Biopiracy: The plunder of nature and knowledge’, Vandana Shiva, 1997