RReadyRR2Roundup is het onkruidverdelgingsmiddel van Monsanto, onverbrekelijk verbonden met miljoenen hectares soja, mais, katoen, alfalfa, koolzaad en niet te vergeten suikerbieten. Monsanto heeft jarenlang volgehouden dat het middel “biologisch afbreekbaar was” en ongevaarlijk*). Het ongebreideld (en exclusief) gebruik van dit herbicide heeft nu geleid tot de ontwikkeling van superonkruiden die alleen nog bestreden kunnen worden met supergiftige middelen zoals paraquat (2,4-D)***) of nog sterker. In drie jaar tijd is het aantal hectaren overwoekerde landbouwgrond bijna vervijfvoudigd.

  • Roundup is een systemisch bestrijdingsmiddel, dat een enorm breed werkingsgebied heeft. Er zijn weinig planten en dieren die niet op één of andere manier nadeel ondervinden van de blootstelling aan Roundup. Ook mensen ontsnappen daar niet aan.
  • de onkruiden waartegen Roundup gebruikt wordt, ontwikkelen niet alleen een tolerantie tegen Roundup, maar de tolerantie neemt ook steeds verder toe. Gevolg: er moet steeds meer gespoten worden om het onkruid nog onder de duim te houden, totdat blijkt dat het onkruid helemaal resistent is geworden. Dat betekent dat er steeds meer residuen blijven hangen op het gewas en dat de gezondheidsrisico’s navenant toenemen.
  • Sommige resistente ‘super’-onkruiden veroorzaken het vastlopen van landbouwmachines. Dat heeft tot gevolg dat hele percelen landbougrond aan hun lot worden overgelaten omdat het handmatig verwijderen van onkruid onbegonnen werk is.
  • Het middel is niet alleen giftig voor onkruiden, maar ook voor amfibiën, zoogdieren en dus ook mensen.  Niet zelden komt dit soort middelen terecht op individuen die wonen in de omgeving van de grootschalige spuitoperaties die door gentech-boeren met vliegtuigen worden uitgevoerd, en het verontreinigt grond- en rivierwater, niet alleen in het betroffen gebied, maar ook ver daarbuiten**).
  • niet alleen zoogdieren, maar ook micro-organismen in de bodem hebben last van Roundup. Daarom loopt bv. de humusvorming terug en gaat de organische kwaliteit van de bodem achteruit bij het gebruik van Roundup. Dat heeft zo zijn gevolgen voor de opbrengst. Die gaat dus niet omhoog, zoals onze multinationals beweren, maar keldert juist van jaar op jaar als de bodem niet de gelegenheid krijgt om zich te herstellen.
  • Door het gebruik van RR-gewassen stijgt de vatbaarheid voor gebreksziektes aanzienlijk, zeker als er geen gewasrotatie wordt toegepast. Er is een toename geconstateerd in take-all, Fusarium-gerelateerde ziekten zoals head scab en Gibberella in mais, Pythium, Corynespora of wortelrot in soja, kroonrot in suikerbieten en bacterie- en schimmelziekten zoals Fusarium head blight (meeldauw) in graangewassen. Deze meeldauw produceert een mycotoxine dat kan infiltreren in de voedselketen. Nog recentelijk heeft emeritus-professor Don Huber gewezen op een super-kleine schimmel (niet veel groter dan een virus), die de oorzaak is van onvruchtbaarheid en miskramen bij vee. Hoe zou dat bij mensen uitwerken?

Wat is nu de conclusie van dit verhaal? Dat Roundup ons niet verder helpt, maar juist van de regen in de drup. Als na een aantal jaren spuiten de onkruiden ongevoelig zijn geworden voor Roundup, zijn de RR-gewassen waardeloos geworden voor de geïndustrialiseerde landbouw, maar blijft dit waardeloze DNA zich wel verspreiden in het milieu. Het genetisch geknutsel aan specifieke gewasresistenties is dus kortzichtig, en nutteloos wanneer we bedenken dat de natuur nooit voor 1 gat te vangen is, maar altijd zal reageren met nieuwe plaagvarianten (denk even aan het influenza-virus: elk jaar muteert het zodanig dat weer een nieuw vaccin nodig is).
Er zijn dan twee alternatieven: we gaan door op de ingeslagen weg en vragen Monsanto om een ander gg-gewas met een nieuwe resistentie, bv. tegen Agent Orange (een mix van 2,4-D ***) en 2,4,5-T), of we gaan terug naar het conventionele gewas van voor het GM-tijdperk. Met die laatste optie is er echter een klein probleempje: die bestaat tegen die tijd niet meer. Verdonkeremaand door Monsanto: alle alternatieve zaadfirma’s zijn doodgedrukt en alternatieve herbiciden zijn er niet meer. Daarmee hebben we dus een stevige kat in de zak gekocht en is er geen weg terug naar de gewassen van voor de GM-revolutie. De volledige afhankelijkheid van zaadgigant Monsanto is daar.

Ondertussen laat  Monsanto ons stevig betalen voor deze technologische hoogstandjes, en in ruil daarvoor worden we met grote maatschappelijke problemen opgezadeld en leveren we onze voedselzekerheid in. Is dat even een goede ruil?!

*) In de Staat New York, VS, is Monsanto meerdere malen beboet voor het adverteren met Roundup als een ‘veilig’ en ‘milieuvriendelijk’ middel. In Frankrijk is Monsanto veroordeeld door het hoogste gerechtshof, voor het verschaffen van valse informatie over de giftigheid van glyfosaat, het belangrijkste giftige bestanddeel van Roundup. Omdat Roundup echter nog andere schadelijke bestanddelen bevat heeft het geen zin om de schadelijke werking van Roundup enkel en alleen te kwantificeren aan de hand van glyfosaatonderzoek. Dat blijkt duidelijk uit het onderzoek dat door Gilles-Eric Séralini aan de Universiteit van Caen in Frankrijk is verricht samen met Nora Benachour.

**) Zelfs in Nederland, waar nog geen RR-gewassen zijn toegelaten voor teeltdoeleinden, lag in 2008 het glyfosaat- en AMPA-gehalte in de rivier de Maas al boven de norm.
Overzicht maximale gehalten bestrijdingsmiddelen gevonden in onttrokken Maaswater in 2008 [in μg/l, tenzij anders vermeld]

 
Stof Tailfer Luik Eijsden Heel Brakel Keizersveer Stellendam
2,4-D <0,02 <0,06 0,37 <0,05 0,1 0,24 <0,02
Carbendazim 0,07 <0,05 <0,05 0,05 0,28 Cijfers in blauw: beneden 80% van de
Chloortoluron 0,12 0,14 0,12 0,07 0,05 0,09 0,07 streefwaarde DMR-Memorandum 08
Chloridazon <0,03 0,15 0,12 0,1 <0,05 0,09 <0,05
Diuron 0,07 0,19 0,14 3,6 0,08 1,2 0,04
Glyfosaat 0,14 0,26 0,28 0,11 0,29 0,14 Cijfers in oranje: boven de streefwaarde
AMPA 0,64 1,2 1,8 2,1 2,2 0,75 uit het DMR-Memorandum 2008
Isoproturon 0,08 0,21 0,11 0,07 0,05 0,11 0,11
MCPA 0,03 <0,06 0,37 <0,05 0,2 0,21 <0,05

Uit: De kwaliteit van het Maaswater in 2008, RIWA Maas/Meuse. De resultaten voor 2009 wijken daar niet wezenlijk van af.

Een ander trekje van RR-gewassen is dat ze enorme hoeveelheden extra stikstof-kunstmest vragen, omdat het stikstofbindend vermogen van bv. soja is afgenomen t.o.v. de traditionele varianten. Dat betekent dat de miljoenen hectares RR-gewassen bijdragen aan het negatieve effect op het klimaat. Datzelfde geldt voor het CO2-probleem: de invloed van RR op het bodemleven en de humusproductie vermindert het vermogen van de bodem om CO2 te binden en op te slaan.

Tenslotte maakt RR in de bodem de weg vrij voor de versnelde verspreiding van ziektes. De 4 belangrijkste schimmels die daarbij betrokken zijn, zijn Fusarium, Phythium, Rhizoctonia en Phytophthora. Het aantal aangetoonde verbanden tussen het gebruik van RR en de verspreiding van bodemziektes staat nu op 40, maar stijgt nog steeds

Bron: http://www.organicconsumers.org

Tabel 3: Overzicht maximale gehalten bedreigende stoffen in onttrokken Maaswater in 2008 [in μg/l, tenzij anders vermeld]
Stof
Tailfer
Luik
Eijsden
Heel
Brakel
Keizersveer
Stellendam
2,4-D
<0,02
<0,06
0,37
<0,05
0,1
0,24
<0,02
Carbendazim
0,07
<0,05
<0,05
0,05
0,28
Chloortoluron
0,12
0,14
0,12
0,07
0,05
0,09
0,07
Chloridazon
<0,03
0,15
0,12
0,1
<0,05
0,09
<0,05
Diuron
0,07
0,19
0,14
3,6
0,08
1,2
0,04
Glyfosaat
0,14
0,26
0,28
0,11
0,29
0,14
AMPA
0,64
1,2
1,8
2,1
2,2
0,75
Isoproturon
0,08
0,21
0,11
0,07
0,05
0,11
0,11
MCPA
0,03
<0,06
0,37
<0,05
0,2
0,21
<0,05

Men kan zich voorstellen wat de grootschalige toepassing van RR-gewassen zou gaan betekenen voor het Maaswater, en derhalve voor de drinkwaterkwaliteit. De waarden voor 2009 zijn vrijwel identiek aan die van 2008. De toename t.o.v. 2007 is ronduit alarmerend. In RIWA Nieuwsbrief 3-03 over het Jaarrapport 2011 lezen we:
Bij de Maas lijkt de kwaliteitsverbetering niet door te zetten. In 2011 werden de DMR-streefwaarden vaker overschreden dan in 2009 en 2010, terwijl van 2007  tot 2009 een lichte daling in het aantal overschrijdingen te zien was. Deze toename in overschrijdingen van de DMR-streefwaarden wordt vooral veroorzaakt door röntgencontrastmiddelen, geneesmiddelen (carbamazepine, metoprolol, sotalol, ibuprofen, metformine), industriële en consumentenproducten (EDTA, urotropine en fluoride) en de bestrijdingsmiddelen glyfosaat en AMPA. Gewasbeschermingsmiddelen blijven in normoverschrijdende gehalten voorkomen in de Maas; er is na 2007 geen verdere verbetering te zien (stagnatie). Omdat 2011 een relatief warm en droog jaar was, met een relatief lage afvoer van water in de Maas, werden verontreinigingen minder dan gemiddeld verdund. Maar de eigenlijke, achterliggende oorzaak van de overschrijdingen van de DMR-streefwaarden is dat er nog steeds lozingen door diverse branches plaatsvinden.
Over het Jaarrapport 2012 lezen we in RIWA Nieuwbrief 6_02:
In zowel Maas als Rijn zorgen glyfosaat en AMPA nog steeds voor meerdere normoverschrijdingen. Ook dit beeld stagneert. RIWA vindt derhalve een algeheel verbod op chemische onkruidbestrijding op verhardingen en sportterreinen noodzakelijk.
DMRoverschrijdingen

***) 2,4-Dichloorfenoxyazijnzuur (2,4-D) is de werkzame stof in het herbicide paraquat dat omstreeks 1940 door de American Chemical Paint Company werd ontwikkeld en sedert circa 1950 op de markt is (bron: wikipedia). Sinds 1 oktober 2002 is 2,4-D opgenomen in Bijlage 1 van Richtlijn 91/414/EEG van de Raad van 15 juli 1991 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen. Hiermee is de Europese toelating als herbicide tot 30 september 2012 een feit (Richtlijn 2001/103/EG).